Benno Baksteen: Nostalgie of vooruitgang?

17 april 2010

Het is lente. Niet alleen de vogels leggen hun ei, maar ook de politieke partijen. In aanloop naar de Tweede Kamer verkiezingen van 9 juni 2010 leggen alle politieke partijen de laatste hand aan hun verkiezingsprogramma’s.

De economische crisis ligt nog vers in het geheugen. Het eerste, voorzichtige herstel is al wel zichtbaar, maar de crisis heeft een zware wissel getrokken op de schatkist. Niet verwonderlijk dat bezuinigingen in alle voorlopige partijprogramma’s de boventoon voert.

In dat licht was ik, net als u ongetwijfeld, erg benieuwd wat dat voor de luchtvaart zou betekenen. Met veel interesse las ik alle programma’s. Soms met plezier, soms met verbazing en gelukkig maar een heel enkele keer met verhoogde bloeddruk.

Het voordeel van luchtvaart is dat het infrastructuur is, die geheel en al direct door de gebruikers betaald wordt. Dus bang voor bezuinigingen vanuit overheidswege hoeven we eigenlijk niet te zijn. Aan de andere kant is luchtvaart een randvoorwaarde voor economische ontwikkeling en beweegt luchtvaart tegelijkertijd mee met die economie. Maar dan sneller en heftiger, zoals medewerkers uit de luchtvaartsector in 2009 hebben gemerkt. Dat maakt de luchtvaart kwetsbaar. Want behalve bezuinigen kan de overheid ook belasten. Met een ticketheffing bijvoorbeeld, of een emissiehandel, of wat dan ook. Mogelijkheden genoeg. In het verleden gemaakte fouten bieden immers geen garantie voor de toekomst.

Wij, als Platform Duurzame Luchtvaart, hebben natuurlijk ons eigen wensenlijstje voor de politiek. Op dit lijstje staat:

1: Luchtvaart is infrastructuur en daarmee een randvoorwaarde voor economische ontwikkeling. Luchtvaart beweegt mee met de economie. Handel daar als politiek naar. De Nederlandse luchtvaart gaat in de loop van dit jaar zeer waarschijnlijk groeien en maakt volgend jaar mogelijk zelfs een sterke groei door. Als de politiek niet op het juiste moment de juiste hoeveelheid luchtvaartcapaciteit in potentie beschikbaar heeft gesteld, dan mist Nederland de slag en heeft de Nederlandse economie een serieus probleem. En de juiste hoeveelheid luchtvaartcapaciteit betekent: niet te laat en niet te weinig. Niet alleen op Schiphol maar ook regionaal. En tot slot ook in potentie, want de uiteindelijke vraag naar extra luchtvaartcapaciteit bepalen wij als samenleving. De diverse luchtvaartmaatschappijen voorzien vervolgens in die behoefte. Dat is geen taak van de politiek.

2: Het accommoderen van de gevraagde luchtvaartcapaciteit moet met zo min mogelijke belasting (footprint) van de samenleving gebeuren. Dat is de verantwoordelijkheid van de luchtvaartsector. De politiek moet dit mogelijk maken. Zonder footprint kan niet, daar moet de politiek (én de luchtvaartsector) helder in zijn. De footprint kan wel kleiner. Dat gebeurt al jaren als het ware autonoom en automatisch. De politiek kan waar nodig innovaties stimuleren. Bijvoorbeeld op het gebied van andere, stillere, efficiëntere landingen, een betere indeling van het luchtruim (dit is met name een Europese zaak) en het gebruik van biobrandstoffen. De Luchtvaartnota uit 2009 biedt hier voldoende aanknopingspunten voor.

3: Voor bovenstaande punten is het noodzakelijk dat de politiek een zorgvuldige afweging maakt tussen de economische en maatschappelijke belangen aan de ene kant en de belasting van de directe omgeving aan de andere kant. Tussen de lusten en de lasten. Hier ligt een rol van de politiek om, met het wetenschappelijke inzicht dat transacties tussen gebruikers van luchtvaart en diegenen die belast worden een manier kan zijn om de hinder te verminderen, een actieve rol te spelen. Ook hier kan de Luchtvaartnota als aanknopingspunt dienen.

Al bladerend door de voorlopige verkiezingsprogramma’s van de diverse politieke partijen kom ik veel van het PDL-wensenlijstje tegen. Dat is eerlijk gezegd wel eens anders geweest. Dankzij “de kennis van nu” groeit het politieke besef dat luchtvaart onmisbare infrastructuur is. En dat er voor de luchtvaart een duurzame toekomst is weggelegd, ook dat besef begint post te vatten in de politieke gelederen.

Tot slot lijkt het ook met het rücksichtsloss belasten van deze belangrijke transportvorm wel mee te gaan vallen. Alleen bij Groen Links (“er komt een belasting op vliegen”), de SP (“er komt een landing- en take off-heffing”) en de Christen Unie (“er komt in overleg met de ons omringende landen een NOx-heffing per vliegtuig”) kom ik daar nog iets van tegen. Het staat in ieder geval niet meer prominent in de voorlopige verkiezingsprogramma’s en lijkt meer om nostalgische redenen te zijn opgenomen. Het is aan de kiezer om op 9 juni te kiezen tussen nostalgie en economische vooruitgang.

Benno Baksteen

Voorzitter Platform Duurzame Luchtvaart (PDL)

Reageren op artikelen? Graag! Er gelden spelregels. We moedigen toevoeging van uw reactie op onze content aan, maar kijken streng naar taalgebruik.

19 nov 2021 - 11:00
Walter Schut
17 nov 2021 - 17:20
22 okt 2021 - 15:51
14 okt 2021 - 09:01
ICE-trein
29 sep 2021 - 08:38
17 sep 2021 - 14:33
17 aug 2021 - 14:51
Benno Baksteen
16 aug 2021 - 15:30
15 aug 2021 - 11:09
Walter Schut
21 jul 2021 - 15:05
Benno Baksteen
17 jul 2021 - 13:49
9 jul 2021 - 11:33
9 jun 2021 - 16:49
25 mei 2021 - 13:25
29 apr 2021 - 11:27
21 apr 2021 - 12:29
Walter Schut
19 mrt 2021 - 12:38
13 mrt 2021 - 12:47
Copyright Reismedia BV 2021 - Cookieinstellingen